51 miljoen jaar geleden, grootste massa-uitsterving van plant- en diersoorten

Ongeveer 51 miljoen jaar geleden vond de Perm-Trias-massa-extincti plaats, het wereldwijd massaal uitsterven van vele soorten organismen in een relatief korte tijdsduur (ca. 1 miljoen jaar) was de grootste massa-uitsterving van plant- en diersoorten. Perm-Trias-massa-extinctie de grootste is. 95% van alle in zee levende soorten en ongeveer 70% van de gewervelde landdieren stierven uit. 1/3 van alle insectensoorten verdween.


Voor de massa-extinctie zijn verschillende mogelijke oorzaken genoemd:

  • Platentektoniek Ten tijde van de massa-extinctie waren alle continenten net verenigd in Pangea. Er waren daardoor veel minder ondiepe zeeën en de daarop aangewezen organismen kregen er veel concurrentie bij. Tegen deze verklaring wordt het bezwaar ingebracht dat Pangea tijdens de extinctie al te lang bestond.
  • Een inslag op Antarctica. In 2006 werd de ontdekking bekendgemaakt van een inslagkrater op Antarctica, de Wilkeslandkrater. Deze krater is meer dan twee keer zo groot als de Chicxulubkrater op het schiereiland Yucatán, die in verband wordt gebracht met de massa-extinctie aan de Krijt Paleogeengrens, waarbij onder andere de dinosauriërs uitstierven.
  • Een supernova-uitbarsting of gammaflits. Een supernova-uitbarsting op een afstand van minder dan 10 parsec ofwel 32,6 lichtjaar zou de ozonlaag volkomen kunnen vernietigen, waarna het leven op aarde jarenlang blootgesteld zou zijn aan ultraviolette straling. Alleen diepzeeorganismen zouden daar zonder veel schade doorheen komen, de rest zou als gevolg van die blootstelling grotendeels uitsterven. Op grond van statistische overwegingen is een dergelijke supernova rond de Perm-Triasovergang mogelijk. Een gammaflits op een afstand van ongeveer 6000 lichtjaar zou hetzelfde effect kunnen hebben.
  • Vulkanische activiteit in Siberië. De Perm-Triasovergang werd gekenmerkt door intensief vulkanisme. In deze periode ontstonden de Siberische Trappen, een 200.000 km² groot basaltplateau of LIP, letterlijk het uitvloeisel van de omvangrijkste vulkanische activiteit uit de geschiedenis van de aarde. Als gevolg van dit vulkanisme kan het klimaat voldoende veranderd zijn om een massa-extinctie teweeg te brengen.
  • Waterstofsulfide in de dampkring. Weer een andere hypothese luidt dat koud water bij de polen zoveel zuurstof oploste dat er een tekort aan zuurstof in het zeewater ontstond waardoor anaerobe bacteriën de overhand kregen en de atmosfeer gingen verrijken met methaan en waterstofsulfide. De laatste stof is dodelijk voor landplanten en tast de ozonlaag aan.