CIA gebruikte spionagekatten in de jaren 60

Één van de vreemde spionageplannen Amerikaanse geheime dienst (1961) was de opzet van Operation Acoustic Kitty, dat als doel had in te zetten als afluisterapparatuur. Om dit te bewerkstelligen werden de diertjes onderworpen aan urenlange operaties. Hierbij werden hun ingewanden naar buiten gedrukt om ruimte te creëren voor de benodigde batterijen en afluisterapparatuur. Het meest belangrijke onderdeel van de spionagekit, de antenne van de zender, werd verwerkt in de staart van de kat. Na afloop van de ingreep werden de weer netjes dichtgenaaid, waardoor er van de buitenkant niets opmerkelijks was te zien. De ‘acoustic kitties’ zouden hiermee de meest aaibare, onopvallende en effectieve spionnen uit de geschiedenis worden, zo redeneerde de CIA. In de praktijk stuitte het plan echter op een paar probleempjes. Zo kregen de honger en raakten ze snel afgeleid door vogels en andere bewegende zaken. Pas na jarenlange training werden deze problemen opgelost en was de eerste spionagekat klaar voor de praktijk. Vol goede moed trokken de CIA agenten naar het Sovjet-pand op Wisconsin Avenue in Washington D.C., waar ze het diertje voor het eerst de vrije loop gaven. De spionagekat had de opdracht gekregen twee Russen af te luisteren die op een bankje in het park zaten, maar het eerste –en enige– geluid wat de agenten in het busje met zendapparatuur opvingen was een doffe klap. De Acoustic Kitty was namelijk overreden door een taxi, slechts enkele meters verwijderd van de plek waar het dier iets eerder uit de bus was gezet. In 1967 kwam de CIA daarom tot de conclusie dat het project, dat inmiddels al 15 miljoen dollar had gekost, misschien toch niet zo’n goed idee was en werd Operation Acoustic Kitty per direct stopgezet. [isgeschiedenis.nl]

[American Heroes Channel]